De klankmethode is een leesmethode die zich richt op de – je raadt het al – juiste uitspraak van woorden op basis van hun natuurlijke klank. Het oudhollandse leesplankje sluit hier lekker op aan: aa-p, n-oo-t, m-ie-s en w-i-m. Je kent het wel. Het leesplankje heeft ook het voordeel dat niet alleen de klank wordt ondersteund, maar door toevoeging van een afbeelding ook gelijk de woordbetekenis word verduidelijkt. Welke Gen X is er niet meer opgegroeid?

Het leesplankje typisch een middel om de beginnend lezer te ondersteunen in zijn ontwikkeling. Uiteindelijk p-r-aa-t (of leest) n-ie-m-à-n-d è-ch-t z-ō … toch? Nee, natuurlijk niet. Het is een techniek die de basis vormt voor een verdere uitbouw van de leesvaardigheid. Wil je ervaren lezer worden, heb je de nodige vorming te ondergaan. Stapje voor stapje kom je – in het ideale geval – uit bij een niveau waarbij je onder meer tussen de regels door kunt lezen en de interactie met de tekst zoekt. Dat laatste gaat verder dan alleen maar begrijpend lezen; het gaat om verdiepend lezen. De tekst is niet per se jouw verhaal. De tekst is niet bedoeld om te reciteren; hij is bedoeld om te interpreteren.

Ergens aan het einde van je basisschool ben je al aardig gevorderd met basis leesvaardigheid. Tijdens je middelbare schooljaren wordt heel je leesplezier vermoord door verplicht lezen van – in mijn tijd – niet te verteren literaire mumbo jumbo. Daarna start onder meer het toegepaste technische lezen van vakliteratuur. Niks geen leesplankje meer; dat is voor kinderen, voor beginnende lezers.

Tenzij… tenzij je een veiligheidskundige opleiding gaat doen; dan komt er plots een nieuw ‘plankje’ om de hoek kijken. Geen leesplankje, maar een veiligheidsplankje voor de beginnend veiligheidskundige. Aap, Noot, Mies en Wim maken plaats voor het volgende illustere kwartet: ladder, kaas, pyramide en domino. Net als bij de klankmethode gaat het hier om de bevordering en ontwikkeling van één van facet van de complete vaardigheid die we in dat vakgebied ‘kundig’ plegen te noemen. Het veiligheidsplankje is even speels bedoeld als zijn taalkundige ē-v-e-n-k-n-ie; niet meer en niet minder.

Het verschil is dat dit plankje de potentie bezit een soort ‘plank voor de kop’ te kunnen worden, lang nadat het zijn nut is overstegen. Zo wordt de plank behoorlijk misgeslagen. Dit is een hardnekkig probleem van het soort: ‘van dik hout zaagt men planken’.

Voor nu even genoeg met de woordgrappen! Het is namelijk helemaal niet grappig. Ladders, kazen, pyramides en domino’s zijn niet meer dan beeldspraak. Beeldspraak die grotendeels (begin) vorige eeuw in het leven is geroepen en toen – vanuit zijn eigen tijdgeest – ‘wonderen’ heeft gedaan voor de verdere ontwikkeling van het vakgebied. Prima om de beginnend veiligheidsprofessional – ik mijd het gebruik van het woord ‘kundige’ zo veel als mogelijk – aan te gaan en een begin te maken aan de verkenning van de dynamiek van dat allesomvattende woord ‘veiligheid’. Prima om het lineaire, causale concept van actie-en-reactie te introduceren om dit vervolgens uit te bouwen met de complexiteit die er werkelijk achter schuil gaat. De wereld van de eenentwintigste eeuw is uit ander hout gesneden (sorry…deze was te mooi om niet te noemen).

Het huilen staat mij nader dan het lachen als ik op LinkedIn de zoveelste post met – ik zou het, geheel politiek correct, ‘onbedoeld gebruik’ moeten noemen en toch noem ik het – onbekwaam gebruik van het veiligheidsplankje tegenkom. Als de ongevallenpyramide weer eens als een determinisme wordt gepresenteerd. Ik val van mijn stoel als ik een meer dan illustratief bedoelde referentie aan het gatenkaasmodel in een ongevallenrapport teruglees. Ik word intens verdrietig als stagiair(e)s de opdracht krijgen aan de implementatie van de Veiligheidsladder mee te werken. Van Domino’s kan ik wel blij worden, maar dan wel allen die met extra kaas en ansjovis.

© 2021 Veiliggeit