Veiligheid is een disfunctioneel concept. Toename of afname van veiligheid is iets dat alleen bestaat in the eye of the beholder. Veiligheid bestaat niet, is niet grijpbaar en niet meetbaar.

Het concept van veiligheid is gestoeld op de illusies van gelijkheid en maakbaarheid. Veiligheid komt voort uit de toenemende mate van afhankelijkheid binnen onze samenleving. Deze afhankelijkheid, die wij samenwerking noemen, is de drijvende kracht voor onze welvaart (lees: de bestendiging van ons als de soort Homo Sapiens). Ontwikkeling en groei zijn de mantra’s van de huidige samenleving. Welvaart brengt veiligheid: minder ziekte, minder honger en minder oorlog.

De keerzijde van de fysieke veiligheid van welvaart is de toename van psychologisch geweld. Elk verzet tegen welvaart – gepropageerd door welke ideologie dan ook – is onacceptabel. Verschillen, excessen en afwijkingen zijn een bedreiging. Alles wordt normatief gelijkgetrokken. Er wordt gefocust op de zogenaamde vredigheid van gelijkheid en niet meer gesproken over (r)evolutionaire kracht van ongelijkheid.

Dat is veiligheid: een verhaal bedacht door de moderne maatschappij, bedoeld om elk tegengeluid op welvaart de kop in te drukken. Daar waar noodzakelijk wordt de humanitaire kaart getrokken. Alles wat je zegt kán en zál tegen je worden gebruikt. Hoe kun je het daar nou niet mee eens zijn!?

Alles wat tegen het concept van veiligheid indruist, levert onvermijdelijk ‘gedoe’. Gedoe is een doorn in het oog van de welvaart. Welvaart staat voor een leven van onbezorgdheid, vol van successen en onbegrensde groei. Het is genieten van alle lusten zonder tussenkomt van de lasten. Dat is een recht van alle deelnemers. Een recht van producenten als consument. Een recht van leiders en volgers. Een recht van heersers en onderdanen.

Van oudsher weten we wat de beste strategieën zijn voor een status quo: ‘verdeel en heers’ en ‘brood en spelen’. Bij veiligheid is dat niet anders. Delen in welvaart betekent  (mee)werken. Werken wordt beloond. Goed werken betekent meer rechten. Goed werken is productief. Ongevallen zijn improductief. Ze leveren gedoe. Gedoe voor alle betrokken partijen. Gedoe is niet wenselijk. Bedrijven voeren daarom tegenwoordig een anti-gedoe beleid, gedreven door overheden die net zo goed geen gedoe willen. Tactieken van gedoe-reductie zijn creatief en manipulatief.

De meest prominente tactiek voor gedoe-reductie is de introductie van regels ter ‘bescherming’ van de werknemer en beteugeling van de werkgever. De overheid reguleert de lasten weg. Bedrijven doen op hun beurt hetzelfde. Met arbeidsvoorwaarden en beloning wordt gepoogd alle aanleidingen tot gedoe te voorkomen en alle aansprakelijkheid in het geval van gedoe te verleggen naar de direct betrokkenen. Daar waar de moderne werkgever beschermd lijkt tegen fysiek letsel gaat hij tegenwoordig gebukt onder een bijna onhoudbare psychologische last. Het optreden van ongevallen kán en mág niet meer, ten alle kosten. Zo komt van de ‘preventie’ van het ene gedoe het andere gedoe.

De tactiek om psychologisch gedoe te lijf te gaan is de introductie van psychologie in op werkplek. Het idee: de psychologische last die medewerkers ervaren, komt vooral voort uit de cultuur die ze zelf als organisatie vormen en het bijbehorende gedrag dat ze vertonen. Uiteindelijk creëert iedereen zijn eigen lijden. Mensen die de regeldruk niet meer verdragen, moeten maar zop zoek gaan naar verlichting. De regels zijn zeker niet het probleem, het is vooral hun eigen attitude ten aanzien van de regels die moet veranderen. Het regelraamwerk staat niet ter discussie!

Veiliggeit is het tegengeluid. Veiliggeit pretendeert niet een pasklaar tegenvoorstel te kunnen geven; dat zou tegen het licht van het voorgaande pleidooi ook zeker ongepast zijn.

Veliggeit is de luis in de pels. Veiliggeit diskwalificeert zeker niet het concept van welvaart, het humanitaire gedachtengoed, het gebruik van regels of de inzichten vanuit de psychologie. Veiliggeit waakt vooral over de absuditeit die ermee gepaard gaat en praat over de grenzen die daaraan gesteld moeten worden. Bij veiliggeit staat niet de discussie over het contrast tussen het goede en het slechte van de mens centraal; bij veiliggeit staat de mens centraal. De mens zoals hij is, met al zijn eigenschappen. Veiliggeit gelooft niet in contrasten. Veiligheid gelooft in verbinding. Veiligheid gelooft ook in functionele afhankelijkheid: wederkerigheid. Veiliggeit gelooft in gelijkwaardigheid.

Zolang de anti-gedoe-beweging binnen veiligheid blijft staan, staat dat de preventie van ongevallen in de weg. Zolang de waarschijnlijkheid van arbeidsongevallen wordt ontkend, is werken een gevaar. Zolang werken een gevaar is, loont welvaart niet.

© 2021 Veiliggeit